Nederlands
Onderzoek heeft uitgewezen dat de algemene slaagkansen van kinderen op school,
en zeker later in het sociale leven, sterk afhangen van taalvaardigheid,
en veel minder van exacte vakken als wiskunde.
De klemtoon ligt op taalgebruik in concrete en voor de leerlingen herkenbare
situaties. Kennis over taal is secundair.
In het luister-, lees-, schrijf- en spreekonderwijs wordt veel aandacht
geschonken aan strategieën en werkvormen.
Het overwicht van de verhalende teksten neemt af ten voordele van meer informatieve
teksten.
|
Wiskunde
De doelstelling van "Moderne" wiskunde was: de kennis van het
wiskundig systeem en het hanteren van vaste procedures. Nu is er een duidelijke
verschuiving naar: "basisvaardigheden" (cijferen). Deze vaardigheden
moeten flexibel kunnen toegepast worden in realistische situaties en de
leerlingen moeten problemen actief kunnen oplossen. Dit geldt voor de drie
domeinen binnen de wiskunde: getallen, meten en meetkunde.
|
Wereldoriëntatie
Dit leergebied is inhoudelijk merkelijk uitgebreid. Naast "tijd"
(geschiedenis), "ruimte" (aardrijkskunde) en "natuur"
(natuurkennis), komen drie nieuwe domeinen aan bod: technologie, mens en
maatschappij. Verkeersopvoeding wordt binnen het OVSG-leerplan als een afzonderlijk
domein behandeld.
In het domein "natuur" wordt veel aandacht besteed aan milieu-educatie
en gezondheidsopvoeding.
"Leren leren" en "sociale vaardigheden" zijn vaardigheden
waaraan steeds meer aandacht besteed wordt omdat zij van zeer groot belang
zijn in het latere leven.
Deze verschuivingen en aanvullingen verhogen de studielast van de leerlingen
in deze gebieden.
|
Muzische vorming
Vroeger bestond die uitsluitend uit muzikale en beeldende vorming. Nu krijgen
drama, beweging en media steeds meer aandacht. Muzische vorming speelt een
belangrijke rol in het ontwikkelingsproces van kinderen
|